DROPS Air
DROPS Air
65% alpaca, 28% polyamide, 7% Wool
vanaf 4.25 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 29.75€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS SS24

Ashbury Park

Gebreide trui met ronde pas en veelkleurig Noors patroon, van boven naar beneden gebreid. Maat: S - XXXL Het werk wordt gebreid in DROPS Air.

DROPS 183-20
DROPS design: Patroon ai-073
Garengroep C of A + A
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS AIR van garnstudio (behoort tot garengroep C)
300-300-350-350-400-450 g kleur nr 04, medium grijs
50 g voor alle maten in kleur 01, naturel

Het werk kan tevens gebreid worden met garen van:
“Alternatief garen (garengroep C)” - zie link hieronder.

DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD (40 en 80 cm) MAAT 5.5 mm – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 16 steken en 20 naalden in tricotsteek = breedte 10 cm en 10 cm in de hoogte.

DROPS NAALDEN ZONDER KNOP EN RONDBREINAALD (40 en 80 cm) MAAT 5 mm voor boordsteek – of de maat die u nodig heeft voor een stekenverhouding van 17 steken en 22 naalden in tricotsteek = breedte 10 cm en 10 cm in de hoogte.
----------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Air
DROPS Air
65% alpaca, 28% polyamide, 7% Wool
vanaf 4.25 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 29.75€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

INFORMATIE VOOR HET PATROON:

VERHOGING:
Voeg 1 markeerdraad in midden achter = begin van de naald. Begin aan de goede kant en brei 7-8-8-9-9-10 steken recht voorbij de markeerdraad, keer het werk, trek de draad aan en brei 14-16-16-18-18-20 steken averecht. Keer het werk, trek de draad aan en brei 21-24-24-27-27-30 recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 28-32-32-36-36-40 averecht. Keer het werk, trek de draad aan en brei 35-40-40-45-45-50 recht, keer het werk, trek de draad aan en brei 42-48-48-54-54-60 averecht. Keer het werk en brei RECHT tot midden achter.

PATROON:
Zie telpatroon A.1. Kies het telpatroon voor uw maat.
De telpatronen laten alle naalden in het patroon aan de goede kant zien.
Brei alle steken in patroon in tricotsteek.

TIP VOOR HET BREIEN:
Om te voorkomen dat de stekenverhouding te strak wordt wanneer u in patroon breit, is het belangrijk om de draden niet te strak aan te trekken op de achterkant van het werk. Ga verder met een naald in een grotere maat wanneer u in patroon breit en het wordt wat te strak.

TIP VOOR HET MEERDEREN/MINDEREN (verdeeld):
Om uit te rekenen hoe u verdeeld mindert/meerdert, gebruikt u het totaal aantal steken op de naald (dus 80 steken) en deelt u deze steken door het aantal te maken minderingen/meerderingen (dus 3) = 26.6.
In dit voorbeeld breit u afwisselend ongeveer iedere 25e en 26e steek en iedere 26e en 27e steek recht samen als u mindert.
Als u meerdert maakt u 1 omslag na afwisselend de 26e en 27e steek, brei op de volgende naald de omslag gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.

TIP VOOR HET MEERDEREN (voor de zijkanten van het lijf):
Meerder aan elke kant van de markeerdraad als volgt:
Begin 2 steken voor de markeerdraad en maak 1 omslag, brei 4 steken recht (de markeerdraad zit in het midden van deze 4 steken), maak 1 omslag (= 2 steken gemeerderd). Herhaal op de andere markeerdraad. Brei op de volgende naald de omslagen gedraaid recht om gaatjes te voorkomen.

TIP VOOR HET MINDEREN (voor midden onder de mouwen):
Begin 2 steken voor de markeerdraad, brei 2 recht samen, de markeerdraad is hier, 1 steek recht afhalen, 1 recht, haal de afgehaalde steek over de gebreide steek (= 2 steken geminderd).
----------------------------------------------------------

TRUI:
Wordt van boven naar beneden gebreid in de rondte op de rondbreinaald. Het begin van de naald is midden achter. Brei de mouwen in de rondte op breinaalden zonder knop.

PAS:
Zet 80-84-88-92-96-100 steken op, op een korte rondbreinaald 5 mm met medium grijs. Brei 4 cm boordsteek = 2 recht/2 averecht. Brei 1 naald recht en minder 3-4-5-4-5-4 steken verdeeld - lees MEERDER/MINDER (verdeeld) = 77-80-83-88-91-96 steken.
Brei verder met een korte rondbreinaald 5.5 mm. Brei, voor een betere pasvorm, een kleine VERHOGING - zie uitleg hierboven, op de achterkant van de hals.
Als de verhoging klaar is, brei dan 1 naald recht en meerder 7-10-13-14-17-18 steken verdeeld = 84-90-96-102-108-114 steken.
Brei nu in patroon – zie uitleg hierboven, als volgt:
Brei en meerder volgens telpatroon A.1 (= 14-15-16-17-18-19 herhalingen van 6 steken) - lees TIP VOOR HET BREIEN!
Als telpatroon A.1 helemaal is gebreid in de hoogte, zijn er 224-240-256-272-288-304 steken op de naald en meet het werk ongeveer 23-23-23-25-25-25 cm vanaf de opzetrand. Brei dan verder tot het einde met medium grijs. Brei de verschillende maten als volgt:

MAAT S:
Brei 1 naald recht terwijl u tegelijkertijd 4 steken verdeeld mindert = 220 steken. Ga verder tot het werk 25 cm meet vanaf de opzetrand. Maat S is nu klaar, ga verder vanaf ALLE MATEN.

MAAT M, L, XL, XXL, XXXL:
Meerder 6-5-8-8-8 steken verdeeld iedere 5e-5e-5e-7e-6e naald 1-2-2-2-3 keer = 246-266-288-304-328 steken. Brei tot het werk 27-28-30-32-34 cm meet.

ALLE MATEN:
Brei de volgende naald als volgt: Brei de eerste 31-35-38-42-46-50 steken (= helft van het achterpand), zet de volgende 47-52-56-59-60-64 steken op een hulpdraad (= mouw), zet 6-6-8-8-10-10 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de volgende 63-71-77-85-92-100 steken (= voorpand), zet de volgende 47-52-56-59-60-64 steken op een hulpdraad (= mouw), zet 6-6-8-8-10-10 nieuwe steken op de naald (= in de zijkant onder de mouw), brei de overgebleven 32-36-39-43-46-50 steken (= helft van het achterpand). MEET NU HET WERK VANAF HIER!

LIJF:
= 138-154-170-186-204-220 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 6-6-8-8-10-10 nieuwe opgezette steken onder de mouw aan elke kant. Brei in tricotsteek in de rondte. Meerder bij een hoogte van 4 cm vanaf de scheiding, 2 steken aan elke kant - LEES TIP VOOR HET MEERDEREN (= 4 steken gemeerderd). Herhaal het meerderen bij een hoogte van 12 cm en 20 cm = 150-166-182-198-216-232 steken. Ga verder met breien tot het werk 27-27-28-28-28-28 cm meet. Brei 1 naald recht en meerder 30-30-30-34-36-40 steken verdeeld = 180-196-212-232-252-272 steken. Ga verder met rondbreinaald 5 mm. Brei boordsteek (= 2 recht/2 averecht). Als de boordsteek 6 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht, maar om een strakke afkantrand te voorkomen maak 1 omslag na iedere 4e steek (kant de omslagen af zoals normale steken). Het werk meet ongeveer 58-60-62-64-66-68 cm vanaf de schouder.

MOUWEN:
Zet de 47-52-56-59-60-64 steken van de hulpdraad aan een kant van het werk op breinaalden zonder knop maat 5.5 mm en neem daarnaast 1 steek op in elk van de 6-6-8-8-10-10 nieuw opgezette steken onder de mouw = 53-58-64-67-70-74 steken. Voeg 1 markeerdraad in, in het midden van de 6-6-8-8-10-10 steken. Begin de naald hier en brei in tricotsteek in de rondte. Minder bij een hoogte van 4 cm vanaf de scheiding, 2 steken onder de mouw - LEES TIP VOOR HET MINDEREN. Minder zo iedere 7e-5e-4e-4e-3e-3e naald 9-11-13-13-14-14 keer = 35-36-38-41-42-46 steken. Ga verder tot het werk 34-32-32-30-28-27 cm meet vanaf de scheiding. Brei 1 naald recht en meerder 1-4-2-3-2-2 steken verdeeld = 36-40-40-44-44-48 steken. Brei verder met breinaalden zonder knop maat 5 mm. Brei boordsteek (= 2 recht/2 averecht). Als de boordsteek 6 cm meet, kant dan af met recht boven recht en averecht boven averecht maar om een strakke afkantrand te voorkomen maak 1 omslag na iedere 4e steek (kant de omslagen af zoals normale steken). De mouw meet ongeveer 40-38-38-36-34-33 cm vanaf de scheiding. Brei de andere mouw op dezelfde wijze.

Dit patroon is gecorrigeerd.

Gewijzigd online: 27.04.2021
Nieuw telpatroon A.1 (er is een x verwijderd in de laatste naald in maat XL+XXL+XXXL).
Gewijzigd online: 13.05.2022
Correctie in telpatroon A.1 in beide maten (toer met de 7e meerdering en toer daarna)

Telpatroon

symbols = medium grijs
symbols = naturel
symbols = maak 1 omslag tussen 2 steken, brei op de volgende naald de omslag gedraaid recht om gaatjes te voorkomen
diagram
diagram

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Ashbury Park Sweater

Annette, New Zealand

Ashbury sweater

Lisa, Ireland

Laat een opmerking achter voor DROPS 183-20

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (27)

country flag Viviana Marini wrote:

Non sono riuscita a fare i disegni perché gli aumenti nel mezzo del disegno poi non combaciavano man mano che andavo avanti.

15.10.2022 - 16:04

DROPS Design answered:

Buonasera Viviana, gli aumenti sono incorporati nel diagramma: in quale punto ha trovato difficoltà? Buon lavoro!

17.10.2022 - 23:42

country flag Ingrid Ibert wrote:

Noch etwas: erste Runde habe ich immer eine weiße Masche und drei graue. Bei der zweiten Runde habe ich dann Probleme, wenn ich 10 Maschen habe und eine Masche zunehmen muss.Ich würde den Pullover so gerne stricken. .Sorry, dass ich mich schon wieder melde!!. Vielen lieben Dank für Ihre Mühe.

13.01.2022 - 01:50

DROPS Design answered:

Liebe Frau Ibert, bei der 1. Reihe 2-farbig, stricken Sie über 9 Maschen so: *2 Masche natur, 1 Masche mittelgrau, 3 Maschen natur, 1 Masche mittelgrau, 2 Maschen natur* (= 9 M jeweils), und von *bis* wiederholen. dh sind es abwechslungsweise 3 und 4 Maschen mit natur zwischen den Maschen mit mittelgrau. Viel Spaß beim stricken!

13.01.2022 - 08:50

country flag Ingrid Ibert wrote:

Habe jetzt von Diagram A 1 die erste Reihe mit weiß und grau von der Mitte aus. Zweite Runde bekomme ich das Muster nicht hin, wenn ich nach jeder 9. Masche eine Zunahme machen muss. Was mache ich falsch. Bitte um dringende Hilfe!!! Gruß Ingrid

12.01.2022 - 11:43

DROPS Design answered:

Liebe Frau Ibert, bei der 2. Reihe mit den 2 Farben beginnen Sie mit 1 Umschlag mit mittelgrau, dann *1 Masche mit natur, 1 Masche mit mittelgrau*, von *-* 4 Mal insgesamt stricken, 1 Masche mit natur stricken (= 1 Umschlag/Zunahme+ 9 Maschen sind jetzt 10 Maschen). Viel Spaß beim stricken!

12.01.2022 - 15:58

country flag Ingrid Ibert wrote:

Ich habe versucht, mit verschiedenen Nadelstärken zu der Probengröße zu kommen. Es klappt leider nicht. Habe immer andere Größe. Was mache ich falsch?

03.01.2022 - 22:02

DROPS Design answered:

Liebe Frau Ibert, Sie können vielleicht Ihre Maschenprobe waschen/spannen (blocken) um zu prüfen, ob es hilft - oder mit anderen Nadeln stricken (das Material der Nadeln kann die Maschenprobe beeinflussen). Gerne wird Ihnen Ihr DROPS Laden noch persönnliche Tipps weiter geben (auch telefonisch oder per E-Mail). Viel Spaß beim stricken!

04.01.2022 - 07:28

country flag Delia wrote:

🙈Ich habe meinen Fehler gefunden. Die Anleitung stimmt!!

25.03.2021 - 19:11

country flag Delia wrote:

Wenn ich bei XXL die 4. Zunahme machen möchte, kommt es im Muster nicht hin... Was kann ich tun?

25.03.2021 - 18:20

DROPS Design answered:

Liebe Delia, bei der 4. Zunahme stricken Sie so: *1 Umschlag, (1 M mit natur, 1 M mit mittelgrau), von (bis) insgesamt 8 Mal stricken, 1 M mit natur* (= jetzt haben Sie 10 M), von *bis* wiederholen. Bei der nächsten Runde stricken Sie: *1 M natur (=Umschlag), (1 M mittelgrau, 1 M natur) von (bis) 5 Mal wiederholen*, von *-* die ganze Runde wiederholen. Viel Spaß beim stricken!

26.03.2021 - 07:06

country flag Leena W wrote:

Ashbury Park - hihanmitat näyttävät oudolta. Miten 27 cm voi riittää suurimman koon hihaksi, ja pienimmässa on peräti 34 mikä tuntuu hurjan pitkältä,.

26.02.2021 - 20:41

DROPS Design answered:

Tämä riippuu siitä, että suurimmissa koissa on korkeammat kaarrokkeet, eli hihan kiinnityskohta on suuremmassa koossa alempana.

09.03.2021 - 17:19

country flag Maj wrote:

Når jeg har strikket mønster og har 256 masker (str L) på pinden står der jeg skal tage 8 masker ud på hver 5. pind 2 gange. Det giver 272 masker, men i opskriften står der jeg bør have 288 (altså 16 masker mere). Er det fordi jeg skal tage ud 4 gange i stedet for 2?

22.10.2020 - 15:09

country flag Christine wrote:

Når jeg har strikket ferdig genseren skal halsen brettes ned ved forhøynngen og sys eller skal den bare være slik?

25.02.2020 - 17:15

DROPS Design answered:

Hej Christine, Nej forhøjningen gør bare at genseren bliver lidt højere bag i nakken. God fornøjelse!

26.02.2020 - 09:59

country flag Christine wrote:

Jeg er ferdig med diagram A1 og har 272 masker på pinnen (str xl) Det står så at arbeidet skal være 25 cm fra oppleggskanten. Hva menes her? Er det på begynnelsen av strikketøyet det målet skal være eller er oppleggskanten etter forhøyningen? Hv gjør jeg i såfall om jeg allerede har mer enn 25 cm (altså for lang)

25.02.2020 - 17:12