DROPS Cotton Merino
DROPS Cotton Merino
50% Wol, 50% Katoen
vanaf 3.75 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 45.00€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

DROPS SS24

Riley

Gebreide trui voor heren met structuurpatroon en V-hals van DROPS Cotton Merino. Maat: S - XXXL.

DROPS 174-22
DROPS design: Model nr. cm-055
Garengroep B
----------------------------------------------------------
Maat: S - M - L - XL - XXL - XXXL
Materiaal:
DROPS COTTON MERINO van Garnstudio
600-650-750-800-900-950 gr. kleur nr. 01, naturel

DROPS BREINLD ZONDER KNOP EN RONDBREINLD (40 en 80 cm) 4 mm - of de maat die u nodig hebt voor een stekenverhouding van 21 st x 28 nld in tricotst = 10 x 10 cm.
DROPS BREINLD ZONDER KNOP en RONDBREINLD (80 cm) 3,5 mm - voor de boordsteek.
----------------------------------------------------------

-------------------------------------------------------

Alternatief garen – Bekijk hier hoe u een ander garen kiest
Garengroep A tot F – Bekijk hier hoe u hetzelfde patroon gebruikt met een ander garen
Garenverbruik als u een alternatief garen kiest – Gebruik onze garenvervanger

-------------------------------------------------------

DROPS Cotton Merino
DROPS Cotton Merino
50% Wol, 50% Katoen
vanaf 3.75 € /50g
Het garen om dit patroon van te maken kunt u vanaf 45.00€ krijgen.

De garenkosten worden berekend op basis van het benodigde materiaal voor de kleinste maat en het goedkoopste producttype. Op zoek naar nog een scherpere prijs? Deze vindt u wellicht bij de DROPS Deals!

Instructies voor het patroon

RIBBELST (in de rondte op rondbreinld):
* brei 1 nld recht en brei 1 nld av *, herhaal van *-*. 1 ribbel = 2 nld.

PATROON:
Zie telpatroon A.1.

TIP VOOR HET MINDEREN ARMSGAT:
Minder naast 7 st aan elke kant. Minder aan het begin van de nld als volgt: brei 7 st als hiervoor, 1 r afh, brei de volgende st r, afgeh st overh.
Minder aan het einde van de nld als volgt: brei tot er 9 st over zijn, brei de volgende 2 st r samen, brei de laatste 7 st als hiervoor.

TIP VOOR HET MINDEREN HALS:
Alle minderingen worden aan de goede kant gemaakt. Minder naast 11 st aan elke kant. Minder als volgt voor de voorbies (linkervoorpand). Brei tot er 13 st over zijn, brei de volgende 2 st r samen, brei de laatste 11 st als hiervoor.
Minder als volgt na de voorbies (rechtervoorpand). Brei 11 st als hiervoor (= voorbies st en 6 st in patroon), 1 r afh, 1 r, afgeh st overh.
----------------------------------------------------------

TRUI:
Wordt in de rondte gebreid op de rondbreinld.
Zet 198-222-234-258-282-306 st op met rondbreinld 3,5 mm en Cotton Merino. Brei 1 nld recht, brei op de volgende nld boordsteek over alle st als volgt: 1 av, * 1 r, 2 av *, herhaal van *-* de hele nld en eindig met 1 r en 1 av. Brei 4 cm in boordsteek. Ga verder met rondbreinld 4 mm en brei A.1 over alle st. Brei tot een hoogte van 45-46-47-48-49-50 cm, kant dan af voor de armsgaten aan elke zijkant als volgt: kant af de eerste 3-3-3-6-6-6 st af, brei 93-105-111-117-129-141 st, kant de volgende 6-6-6-12-12-12 st af, brei 93-105-111-117-129-141 st en kant de laatste 3-3-3-6-6-6 st af. Eindig het voorpand en achterpand apart.

ACHTERPAND:
= 93-105-111-117-129-141 st.
Ga verder met A.1 als eerder. Ga tegelijkertijd op de volgende nld aan de goede kant verder met minderen voor de armsgaten aan elke kant - minder 1 st aan elke kant om de nld 6-12-12-15-18-24 keer in totaal – LEES TIP VOOR HET MINDEREN ARMSGAT! = 81-81-87-87-93-93 st. Ga verder met A.1 als hiervoor. Brei tot een hoogte van 62-64-66-68-70-72 cm, brei dan in ribbelst over de middelste 35-35-41-41-47-47 st, ga verder over de overgebleven st in patroon. Brei tot een hoogte van 64-66-68-70-72-74 cm, kant dan de middelste 25-25-31-31-37-37 st af voor de hals = 28 st over op elke schouder in alle maten. Kant af bij een hoogte van 66-68-70-72-74-76 cm.

VOORPAND:
= 93-105-111-117-129-141 st.
Plaats een markeerder in de middelste st. Ga verder met minderen voor de armsgaten als op het achterpand. Brei tot een hoogte van 54-56-55-55-57-59 cm, houd de st tot aan de markeerder, de st met de markeerder en 2 st na de markeerder op de nld, zet de overgebleven st op een hulpdraad. Brei nu in RIBBELST – zie uitleg boven, over 5 st middenvoor (= voorbies), ga verder met A.1 over de overgebleven st als hiervoor. Ga verder met minderen voor het armsgat en minder TEGELIJKERTIJD voor de hals als volgt - LEES TIP VOOR HET MINDEREN HALS: minder om de nld 15-15-18-18-21-21 keer in totaal. Als alle minderingen voor het armsgat en de hals klaar zijn, zijn er nog 28 st over voor de schouder in alle maten. Kant af bij een hoogte van 66-68-70-72-74-76 cm.

RECHTERVOORPAND:
Zet de st van de hulpdraad terug op de nld en neem 5 st in ribbelst op aan de achterkant van de bies op het linkervoorpand. Brei verder als het linkervoorpand.

MOUW:
Wordt in de rondte gebreid op breinld zonder knop.
Zet 54-57-60-60-63-66 st op met breinld zonder knop 3,5 mm en Cotton Merino. Plaats 1 markeerder aan het begin van de nld. Brei 1 nld recht, brei dan boordsteek = 1 r/2 av. Brei tot een hoogte van 4 cm, ga verder met breinld zonder knop 4 mm, ga verder in tricotst en minder op de 1e nld in tricotst 4-5-6-4-5-6 st gelijkmatig = 50-52-54-56-58-60 st op de nld. Brei tot een hoogte van 8 cm, meerder 1 st aan elke kant van de markeerder. Meerder elke 4½-3-2½-2-2-1½ cm 8-11-12-18-20-22 keer in totaal, meerder dan elke 2 cm 5-5-5-0-0-0 keer = 76-84-88-92-98-104 st. Brei tot een hoogte van 54-53-53-51-51-50 cm (minder cm voor de grotere maten, want deze hebben bredere schouders), kant dan 6 st af midden onder de mouw (= 3 st aan elke kant van de markeerder) en brei de mouw verder heen en weer op de rondbreinld tot het werk klaar is.
Kant af voor de mouwkop aan het begin van elke nld aan elke kant: 5 keer 2 st en 2-3-5-6-9-10 keer 1 st, kant dan 2 st af aan elke kant tot het werk 63-63-64-64-65-65 cm meet, kant dan 1 keer 3 st af aan elke kant. Kant de overgebleven st af, het werk meet ongeveer 64-64-65-65-66-66 cm. Brei nog een mouw.



AFWERKING:
Naai de schoudernaden dicht. Naai de mouwen in de trui.

Dit patroon is gecorrigeerd.

Gewijzigd online: 22.02.2017
VOORPAND:...Brei tot een hoogte van 54-56-55-55-57-59 cm, houd de st tot aan de markeerder, de st met de markeerder en 2 st na de markeerder op de nld, zet de overgebleven st op een hulpdraad. Brei nu in RIBBELST – zie uitleg boven, over 5 st middenvoor (= voorbies), ga verder met A.1 over de overgebleven st als hiervoor. Ga verder met minderen voor het armsgat en minder TEGELIJKERTIJD voor de hals als volgt - LEES TIP VOOR HET MINDEREN HALS: minder om de nld 15-15-18-18-21-21 keer in totaal.

Telpatroon

symbols = recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
symbols = averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
diagram

Elk van onze patronen hebben specifieke instructievideo's om u te helpen.

Heeft u een vraag? Bekijk een lijst met vaak gestelde vragen (FAQ)

De stekenverhouding bepaalt de uiteindelijke afmetingen van uw werkstuk en wordt normaliter aangegeven in 10 x 10 cm. Het wordt als volgt aangegeven: het aantal steken in de breedte x het aantal naalden in de hoogte - dus: 19 steken x 26 naalden = 10 x 10 cm.

De stekenverhouding is heel erg individueel; sommige mensen breien/haken heel losjes, terwijl anderen vrij strak werken. De stekenverhouding past u aan met de naalddikte, wat de reden is waarom we slechts een suggestie voor de naalddikte geven! U moet deze aanpassen (naar boven of beneden) om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding overeenkomt met de stekenverhouding die aangegeven staat in het patroon. Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan zal het garenverbruik anders zijn, en zal uw werkstuk andere afmetingen krijgen dan het patroon aangeeft.

De stekenverhouding geeft tevens aan welk garen als vervanging kan dienen. U kunt verschillende garens met elkaar vervangen, zolang de stekenverhouding maar hetzelfde is.

Bekijk de DROPS les: Hoe u de stekenverhouding opmeet

Bekijk de DROPS video: Hoe u een proeflapje maakt

De benodigde hoeveelheid garen wordt aangegeven in grammen, dus bijvoorbeeld: 450 g. Om uit te rekenen hoeveel bollen u nodig heeft, moet u eerst weten hoeveel gram er in 1 bol gaat (25 g, 50 g, of 100 g). Deze informatie vindt u door op de individuele garenkwaliteit te klikken op onze site. Deel de hoeveelheid benodigde garen door de hoeveelheid per bol. Bijvoorbeeld, als de bollen 50 gram wegen (de meest gebruikelijke hoeveelheid), ziet de berekening er als volgt uit: 450 / 50 = 9 bollen.

Bij het kiezen van een ander garen is het belangrijk dat de stekenverhouding hetzelfde blijft. De afmetingen van het uiteindelijke werk zijn dan hetzelfde als aangegeven in de tekening bij het patroon. Het is makkelijker om dezelfde stekenverhouding te krijgen als u garen gebruikt uit dezelfde garengroep. Het is ook mogelijk om meerdere draden van een dunner garen te gebruiken om de stekenverhouding van een dikker garen te krijgen. Probeer onze garenvervanger. We raden u aan om altijd een proeflapje te maken.

LET OP: als u een ander garen neemt, kan het kledingstuk een andere 'look en feel' krijgen dan het kledingstuk op de foto, vanwege individuele eigenschappen en kwaliteiten van elk garen.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een ander garen gebruiken dan staat aangegeven in het patroon?

Al onze garens zijn ondergebracht in garengroepen (van A tot F) volgens dikte en stekenverhouding – groep A bevat de dunste garens en groep F de dikste. Dit maakt het makkelijker voor u om alternatieve garens te vinden voor onze patronen, indien u graag ander garen wilt gebruiken. Alle garens binnen dezelfde groep hebben ongeveer eenzelfde stekenverhouding en kunnen elkaar vervangen. Het is wel zo dat verschillende garenkwaliteiten verschillende structuren en eigenschappen hebben, wat het uiteindelijke werkstuk een unieke 'look en feel' geeft.

Klik hier voor een overzicht van de garens in elke garengroep

Bovenaan al onze patronen vindt u een link naar onze garenvervanger, welke handig kan zijn als u een ander garen wilt gebruiken dan staat aangegeven in het patroon. Door het garen in te vullen dat u wilt vervangen, de hoeveelheid (in uw maat) en het aantal draden, stelt de vervanger geschikte alternatieven voor met dezelfde stekenverhouding. Daarnaast wordt aangegeven hoeveel u nodig heeft in de nieuwe kwaliteiten en of u met meerdere draden moet werken. De meeste bollen zijn 50 gram (sommige zijn 25 gram of 100 gram).

Als het patroon met meerdere kleuren wordt gebreid/gehaakt, moet elke kleur apart worden vervangen. Dit geldt ook als het patroon met verschillende draden van verschillende garens wordt gemaakt (bijvoorbeeld 1 draad Alpaca en 1 draad Kid-Silk) dan zult u voor elk individueel alternatieven moeten vinden.

Klik hier voor de garenvervanger

Omdat de verschillende garens verschillende kwaliteiten en verschillend texturen hebben, hebben we ervoor gekozen om het originele garen in het patroon te laten staan. Maar u kunt vrij makkelijk andere opties vinden tussen de beschikbare garenkwaliteiten door onze garenvervanger te gebruiken, of door een garen uit dezelfde garengroep uit te kiezen.

Het is mogelijk dat sommige verkooppunten nog bollen op voorraad hebben van garens die niet meer leverbaar zijn, of dat iemand thuis nog een paar bollen heeft liggen en hier een patroon bij zoekt.

Degarenvervanger laat alternatieve garens zien en de hoeveelheid die u nodig heeft in de nieuwe kwaliteit.

Als u het lastig vindt om te bepalen welke maat u moet maken, dan is het wellicht een goed idee om een bestaand kledingstuk dat goed zit, op te meten. Vervolgens kunt u de maat kiezen door de afmetingen te vergelijken met de afmetingen in de maattekening bij het patroon.

U kunt de maattekening onderaan het patroon vinden.

Bekijk DROPS les: Maattekeningen lezen

De naalddikte die aangegeven is in het patroon geldt slechts als een richtlijn, het is van belang dat de stekenverhouding klopt. En omdat de stekenverhouding per persoon nogal verschillend is, zult u de naalddikte aan moeten passen om ervoor te zorgen dat UW stekenverhouding hetzelfde is als in het patroon – misschien is het nodig dat u 1 of zelfs 2 naalddiktes naar beneden of naar boven moet om de juiste stekenverhouding te krijgen. Daarom raden we ook aan om een proeflapje te maken.

Als u met een andere stekenverhouding werkt dan staat aangegeven in het patroon, dan kunnen de afmetingen van het werkstuk afwijken van de afmetingen volgens de tekening.

Bekijk de DROPS les: Hoe meet u de stekenverhouding

Bekijk de DROPS video: Hoe maakt u een proeflapje voor de stekenverhouding

Als u een kledingstuk van boven naar beneden breit, dan geeft dit meer flexibiliteit en mogelijkheden voor persoonlijke aanpassingen. Het is bijvoorbeeld makkelijker om het kledingstuk te passen terwijl u er mee bezig bent. U kunt ook makkelijker de lengte van de pas en de schouderkoppen aanpassen.

In de uitleg worden alle stappen zorgvuldig uitgelegd in de juiste volgorde. De telpatronen zijn aangepast aan de breirichting en worden zoals gebruikelijk gebreid.

Het telpatroon laat alle naalden en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt gelezen van onder naar boven, van rechts naar links. 1 vierkant = 1 steek.

Als u heen en weer breit, wordt elke andere naald aan de goede kant gebreid en elke andere naald wordt aan de verkeerde kant gebreid. Als u aan de verkeerde kant breit, moet u het telpatroon omgekeerd breien, dus van links naar rechts. rechte steken worden dan averecht gebreid en averechte steken recht, etc.

Als u in de rondte breit wordt elke naald aan de goede kant gebreid en het telpatroon wordt dan van rechts naar links gebreid op alle naalden.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees ik de teltekening bij de patronen?

Het telpatroon laat alle toeren en elke steek zien vanaf de goede kant. Het wordt van onder naar boven gehaakt en van rechts naar links.

Als u heen en weer haakt, wordt elke andere toer aan de goede kant gehaakt: van rechts naar links en elke andere toer wordt aan de verkeerde kant gehaakt: vank links naar rechts.

Als u in de rondte haakt, wordt elke toer in het telpatroon aan de goede kant gehaakt, van rechts naar links.

Als u een cirkelvormig telpatroon haakt, dan begint u in het midden en haakt u naar buiten toe, tegen de klok in, toer na toer.

Meestal beginnen de toeren met een opgegeven aantal lossen (overeenkomend met de hoogte van de volgende steek), deze zijn of in het telpatroon opgenomen, of uitgelegd in het patroon.

Bekijk de DROPS les: Hoe lees je telpatronen voor haken

Instructies om verschillende telpatronen achter elkaar op dezelfde naald/toer te breien/haken, worden meestal als volgt beschreven: “brei/haak A.1, A.2, A.3 in totaal 0-0-2-3-4 keer". Dit betekent dat u A.1 een keer breit/haakt, daarna wordt A.2 een keer gebreid/gehaakt, en A.3 wordt het aantal aangegeven keren (in de breedte) in uw maat gebreid/gehaakt – in dit geval als volgt: S = 0 keer, M = 0 keer, L=2 keer, XL= 3 keer en XXL = 4 keer.

De telpatronen worden zoals gebruikelijk gebreid/gehaakt: begin met de eerste naald/toer in A.1, brei/haak dan de volgende naald/toer in A.2 etc.

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor breien leest

Bekijk de DROPS les: Hoe u telpatronen voor haken leest

De totale breedte van het kledingstuk (van pols tot pols) is groter in de grotere maten, ondanks dat de eigenlijke mouwen korter zijn. De grotere maten hebben langere mouwkoppen en bredere schouders, dus er is een goede pasvorm in alle maten.

De tekening/ het schema met de afmetingen geeft informatie over de volledige lengte van het kledingstuk. Als het een trui of een vest betreft, dan wordt deze vanaf het hoogste punt op de schouder gemeten (meestal het dichtst bij de halslijn), en recht naar beneden tot de onderkant van het kledingstuk. Het wordt NIET gemeten vanaf de punt van de schouder. Op gelijke wijze wordt ook de lengte van de pas gemeten, vanaf het hoogste punt op de schouder en naar beneden tot waar de pas gesplitst wordt voor het lijf en de mouwen.

Op een vest worden de afmetingen nooit over de biezen genomen, tenzij anders aangegeven. Meet altijd binnen de biessteken als u de lengte opmeet.

Bekijk de DROPS les: Maattekeningen lezen

Telpatronen worden vaak herhaald in de breedte op de naald en/of in de hoogte. 1 herhaling van het telpatroon is hoe het te zien is in het telpatroon. Als er staat dat u 5 herhalingen van A.1 op de naald moet breien, dan breit u het patroon in totaal 5 keer achter/na elkaar op de naald. Als er staat dat u 2 herhalingen van A.1 in de hoogte moet breien, dan breit u het hele telpatroon (dus alle naalden van het telpatroon) een keer en begint u opnieuw onderaan bij het begin en breit u het telpatroon nog een keer.

Lossen zijn ietsje smaller dan andere steken en om te voorkomen dat de opzetrand te strak wordt, haken we eenvoudigweg meer lossen om mee te beginnen. Het aantal steken wordt in de volgende toer aangepast zodat het overeenkomt met het patroon en de afmetingen in de tekening.

De rand in ribbelsteek is elastischer en zal ietwat samentrekken vergeleken met bijvoorbeeld tricotsteek. Door te meerderen voor de rand in ribbelsteek, voorkomt u een zichtbaar verschil in breedte tussen de rand in ribbelsteek en de rest van het lijf.

Het gebeurt vrij makkelijk dat u te strak afkant, en door omslagen te maken tijdens het afkanten (terwijl u deze tegelijkertijd afkant) voorkomt u dat de afkantrand te strak wordt.

Bekijk de DROPS video: Hoe kant u af met omslagen

Om gelijkmatig te meerderen (of te minderen) kunt u meerderen op, bijvoorbeeld: afwisselend elke 3e en 4e naald, als volgt: brei 2 naalden en meerder op de 3e naald, brei 3 naalden en meerder op de 4e naald. Herhaal dit tot het meerderen klaar is.

Bekijk de DROPS les: Meerder of minder 1 st afwisselend

Als u liever in de rondte breit dan heen en weer, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen. U moet dan steken midden voor toevoegen (meestal 5 steken) en de instructies volgen. Als u normaal het werk keert en aan de verkeerde kant breit, breit u nu over de extra steken en gaat u verder in de rondte. Aan het einde knipt u het werk open. Neem steken op voor de biezen en werk de afgeknipte randen af.

Bekijk de DROPS video: Hoe breit u knipbiezen en openknippen

Als u liever heen en weer breit dan in de rondt, dan kunt u natuurlijk het patroon aanpassen zodat u de panden apart van elkaar breit en aan het eind aan elkaar naait. Deel de steken voor het lijf in tweeën en voeg 1 kantsteek toe aan elke kant (voor het in elkaar naaien) en brei het voor- en achterpand apart van elkaar.

Bekijk de DROPS les: Kan ik een patroon aanpassen van rondbreinaalden naar rechte naalden?

Herhalingen van het patroon kunnen een beetje anders zijn in de verschillende maten, om de juiste verhoudingen te krijgen. Als u niet dezelfde maat maakt als het kledingstuk op de foto, wijkt uw werkstuk wellicht ietsje af. Dit is met zorg ontwikkeld en aangepaste zodat het totale beeld van het kledingstuk hetzelfde is in alle maten.

Zorg ervoor dat u de instructies en de telpatronen voor uw maat volgt!

Als u een patroon heeft gevonden doe alleen beschikbaar is in damesmaten, dan hoeft het niet heel moeilijk te zijn om deze aan te passen naar een herenmaat. Het grootste verschil is de lengte van de mouwen en het lijf. Begin met breien in de damesmaat die overeenkomt met de borstwijdte. De lengte die erbij komt wordt namelijk gebreid voordat u begint met afkanten voor de armsgaten. Als het patroon van boven naar beneden wordt gebreid, kunt u lengte toevoegen vlak na de armsgaten of voor de eerste mindering op de mouw.

Wat betreft de extra hoeveelheid garen wat u nodig heeft: dit hangt heel erg af van hoeveel lengte u toevoegt, maar het is vaak meter dat u een bol te veel hebt dan te weinig.

Alle garens hebben vezels die uitsteken (door de productie) waardoor een kledingstuk gaat pluizen of pillen. Geborstelde garens (dus meer harige garens) hebben meer van deze losse, uitstekende vezels waardoor het eerder gaat pluizen of pillen.

Hoewel het niet mogelijk is om te garanderen dat geborsteld garen 100% pluisvrij is, is het wel mogelijk om dit drastisch af te laten nemen, door de volgende stappen te ondernemen:

1. Als het kledingstuk klaar is (voordat u het gaat wassen) schudt u het kledingstuk flink uit, zodat de losse haartjes eruit komen. LET OP: gebruik GEEN roller, borstel of andere methode, waardoor aan het kledingstuk getrokken wordt

2. Plaats het kledingstuk in een plastic zak en leg het in de vriezer - de temperatuur zorgt ervoor dat de vezels minder aan elkaar blijven zitten, en uitstekende vezels komen makkelijker los.

3. Laat een paar uur in de vriezer liggen, voordat u het eruit haalt en schudt het kledingstuk dan opnieuw uit.

4. Was het kledingstuk volgens de instructies op het garenlabel.

Pillen is een natuurlijk proces dat zelfs bij de meest exclusieve vezels voorkomt. Het is een natuurlijk teken van dragen dat lastig is te voorkomen en het meest zichtbaar is in gebieden waar de meeste wrijving optreedt, zoals bij de mouwen en de manchetten.

U kunt uw kledingstuk er als nieuw uit laten zien door het pillen te verwijderen met een pluizenkam of pillenverwijderaar.

Kunt u het antwoord op uw vraag nog steeds niet vinden? Scroll dan naar beneden en laat een vraag achter zodat een van onze experts kan proberen u te helpen. Dit wordt normaal tussen 5 tot 10 werkdagen gedaan..
In de tussentijd kunt u de vragen en antwoorden lezen die anderen bij dit patroon achter hebben gelaten of doe mee met de DROPS Workshop op Facebook om hulp te krijgen van mede breisters en haaksters!

Misschien vindt u deze ook leuk...

Laat een opmerking achter voor DROPS 174-22

Wij horen graag wat u vindt van dit patroon!

Wilt u een vraag stellen, kies dan de juiste categorie in het formulier hieronder om sneller een antwoord te krijgen. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *.

Opmerkingen / Vragen (58)

country flag Sylvie Allaire wrote:

Bonjour, combien de mailles restantes une fois les diminutions faites pour une grandeur large? Combien de fois on fait les diminutions de 2 m après les 5 fois 1 m?

19.04.2024 - 17:19

country flag Vivian Jakobsen wrote:

Jeg er interesserer i at vide om det vil kunne lade sige gøre at strikke trøje i en tråd alpaca sammen med en tråd kidsilk?\r\nMvh Vivian

14.03.2024 - 12:05

DROPS Design answered:

Hej Vivian, ja det kan lade sig gøre, men den vil blive lidt mere kompakt, strik en lille prøve og se om du kan holde strikkefastheden som står i opskriften :)

15.03.2024 - 09:31

country flag Claire wrote:

Bonjour, pour le dos, quand il est dit : au rang suivant sur l'endroit, diminuer pour les emmanchures: 12 fois 1 m de chaque côté tous les 2 rangs", il faut bien diminuer au début de chaque rang (donc une maille par rang sur 24 rangs) ? Ou alors il faut diminuer une maille après les 7 premières mailles et une autre avant les 9 dernières sur l'endroit ? Désolée, la taille n'allait pas alors j'ai du tout recommencer et j'ai oublié les explications précédentes...

27.03.2023 - 20:31

DROPS Design answered:

Bonjour Claire, vous diminuez comme indiqué sous DIMINUTIONS EMMANCHURES:, autrement dit à 7 m du bord = après les 7 premières mailles et avant les 7 dernières mailles, autrement dit, 2 mailles tous les rangs sur l'endroit: 1 maille au début + 1 maille en fin de rang sur l'endroit; et on répète 12 fois au total tous les 2 rangs. Bon tricot!

28.03.2023 - 10:01

country flag Micheline Lebeau wrote:

Pour une taille 52 quel modèle dois-je prendre XXL ou XXXL Merci

16.02.2023 - 17:11

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Lebeau, mesurez un vêtement qui va au destinataire et qui lui plaît, et comparez ces mesures à celles du schéma, c'est la technique la plus simple pour trouver la bonne taille - retrouvez plus d'infos ici. Bon tricot!

17.02.2023 - 11:31

country flag Claire wrote:

Bonjour, quand il est dit ", puis rabattre 2 m de chaque côté jusqu'à ce que la manche mesure 63-63-64-64-65-65 cm, " pour les manches, cela signifie t-il qu'il faut rabattre 2 fois deux mailles en début et fin de tour sur l'envers et sur l'endroit ou alors 2 mailles en début ou fin de tour sur l'envers et sur l'endroit ? Merci pour vos précisions

15.01.2023 - 12:15

DROPS Design answered:

Bonjour Claire, lorsque vous avez rabattu 6 mailles sous la manche, vous continuez à tricoter le haut de la manche en allers et retours en rabattant d'abord 5 x 2 mailles (= 2 mailles au début des 10 rangs suivant)s, puis 2 à 10 fois 1 m de chaque côté (1 m au début des 4 à 20 rangs suivants), puis 2 m au début des chacun des 2 rangs suivants jusqu'à ce que la manche mesure 63 à 65 cm (cf taille) - ajustez bien pour que vous ayez rabattu le même nombre de fois 2 m de chaque côté, puis 3 m au début des 2 rangs suivants. Bon tricot!

16.01.2023 - 09:06

country flag Birgit wrote:

Sehr geehrter Drops Team, ich stricke das Modell 174-22. Leider verstehe ich die Anleitung (A1) nicht. Das Model wird bis zu den Ärmeln in Runden gestrickt. Wie muss ich die Runde mit den weißen Kästchen stricken? Wenn ich in Runden stricke gibt es ja keine Rückreihen. LG Birgit

09.10.2022 - 17:54

DROPS Design answered:

Liebe Birgit, wenn Sie A.1 in Runden stricken, stricken Sie so: 1. R = alle Maschen rechts; 2. Reihe: *1 Masche links, 1 Masche rechts, 2 Maschen links, 1 Masche rechts, 2 Maschen links, 1 Masche rechts, 1 Masche links* ( = 9 M), von *-* wiederholen. Viel Spaß beim stricken!

10.10.2022 - 09:25

country flag Grecourt wrote:

Bonjour ,combien doit il rester de maille à arrêter à la fin des manches ? Merci

19.04.2022 - 12:21

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Grecourt, cela va dépendre de votre taille mais aussi de votre tension en hauteur; ce qui est important ici est la longueur plus que le nombre de mailles restant. Rabattez bien le nombre de mailles indiqué, puis 2 mailles de chaque côté jusqu'à la hauteur indiquée en veillant bien à rabattre autant de fois 2 mailles en début de rang sur l'endroit qu'en début de rang sur l'envers, puis rabattez 3 mailles de chaque côté et rabattez les mailles restantes. Bon tricot!

19.04.2022 - 13:13

country flag Ivana wrote:

Buongiorno, non vedo le istruzioni per fare il bordo dello scollo. Le maglie vanno riprese? quante? diminuzioni x fare la punto dello scollo a V? Grazie mille

10.12.2021 - 11:46

DROPS Design answered:

Buongiorno Ivana, i bordi del collo a V vengono lavorati contestualmente al davanti destro e sinistro. Buon lavoro!

10.12.2021 - 13:11

country flag Anne-Marie Bourgeois wrote:

Ouf ! Comment déterminer quel type de point utiliser pour les mailles qui ont été diminuées ? Est-ce que je tricote toujours les 7 premières et 7 dernières selon A1 ?

21.05.2021 - 01:51

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Bourgeois, les mailles diminuées ne sont pas à tricoter car elles ont été diminuées, les autres se tricotent comme avant: en début de rang: 7 m comme avant, point fantaisie comme avant (le motif ne tombe pas forcément juste à la transition à cause de diminutions, tricotez-ces mailles comme vous le faisiez auparavant: endroit si point mousse ou envers si jersey), 7 m comme avant. Si vous ne savez plus si votre maille est à tricoter à l'endroit ou à l'envers sur l'envers, regardez-la sur l'endroit, si c'est une maille point mousse, tricotez-la à l 'endroit sur l'envers, si c'est une m jersey, tricotez-la à l'envers sur l'envers. Bon tricot!

21.05.2021 - 07:52

country flag Anne-Marie Bourgeois wrote:

Est-ce que je commence donc mon rang envers par un point endroit, ensuite un point envers, 2 points endroit, etc. ?

19.05.2021 - 15:59

DROPS Design answered:

Bonjour Mme Bourgeois, tout dépend de votre rang sur l'endroit, tricotez les mailles jersey à l'envers sur l'envers et les mailles point mousse à l'endroit sur l'endroit. Vous devez toujours avoir, vu sur l'endroit le même rythme des côtes fantaisie. Bon tricot!

19.05.2021 - 16:00