PATROON 1 (lijf):
Zie telpatroon M.1 tot en met M.4. De telpatronen geven de goede kant van het werk weer. Het patroon op het lijf worden als volgt gebreid: 3 vertikale herhalingen van M.1, 1 vertikale herhaling van M.2, 1 vertikale herhaling van M.1, 1 vertikale herhaling van M.2, 1 vertikale herhaling van M.3 en brei het werk dan verder af in M.4.
PATROON 2 (mouw):
3 vertikale herhalingen van M.1, 1 vertikale herhaling van M.2, 1 vertikale herhaling van M.3, en brei het werk dan verder af in M.4.
RIBBELST (heen en weer gebreid op de nld):
brei alle nld recht.
--------------------------------------------------------
--------------------------------------------------------
TRUI:
Wordt in de rondte gebreid op de rondbreinld. Zet 114-126-138-150-162-180 st op met rondbreinld 7 mm en Eskimo. Brei 1 nld recht en ga verder in boordsteek 3 st recht/3 st av. Brei als de boordsteek 8 cm meet 1 nld recht, minder TEGELIJKERTIJD 18-18-22-22-22-28 st gelijkmatig over de nld = 96-108-116-128-140-152 st. Ga verder met rondbreinld 8 mm. Ga verder in PATROON 1 over alle st – zie boven! Plaats 2 markeerders in het werk, 1 aan het begin van de nld en 1 na 48-54-58-64-70-76 st. DENK OM DE STEKENVERHOUDING! Minder TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 15 cm 1 st aan de rechterkant van beide markeerders en herhaal dit minderen afwisselend aan de linker- en rechterkant van de markeerders (= 2 st minder per nld) elke 10-10-10-11-11-11 cm in totaal 4 keer = 88-100-108-120-132-144 st. Kant TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 45-46-47-48-49-50 cm de middelste 2 st af voor de split aan het voorpand en brei het werk verder heen en weer op de rondbreinld van middenvoor naar middenvoor. Kant af voor de hals aan het begin van iedere nld vanaf middenvoor: 1 st elke 2 cm in totaal 10-10-11-11-12-12 keer. Kant TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 50-51-52-53-54-55 cm 4-6-6-6-6-6 st af aan iedere kant voor de armsgaten (= 2-3-3-3-3-3 st aan iedere kant van elke markeerdraad) en brei het voorpand en achterpand apart verder.
ACHTERPAND:
= 40-44-48-54-60-66 st. Ga verder in patroon en kant TEGELIJKERTIJD af voor de armsgaten aan iedere kant aan het begin van iedere nld: 0-0-1-2-3-4 x 2 st en 0-1-1-1-2-2 x 1 st = 40-42-42-44-44-46 st. Kant bij een hoogte van 68-70-72-74-76-78 cm de middelste 20-20-22-22-24-24 st af voor de hals en brei iedere schouder apart verder. Kant 1 st af aan elke kant voor de hals in de volgende nld = 9-10-9-10-9-10 st over voor iedere schouder. Kant af bij een hoogte van 70-72-74-76-78-80 cm.
LINKER VOORPAND:
Ga verder in patroon en minder voor de hals, kant dan af voor de armsgaten aan de zijkant als beschreven voor het achterpand. Als alle minderingen gedaan zijn, zijn er 9-10-9-10-9-10 st over voor iedere schouder. Kant af bij een hoogte van 70-72-74-76-78-80 cm.
RECHTER VOORPAND:
Als het linker voorpand, maar in spiegelbeeld.
MOUW:
Wordt in de rondte gebreid op BREINLD ZONDER KNOP. Zet 30-30-30-36-36-36 st op met BREINLD ZONDER KNOP 7 mm en Eskimo. Brei 1 nld recht en ga verder in boordsteek 3 st recht/3 st av. Brei bij een hoogte van 9 cm 1 nld recht en brei 1 nld av, minder TEGELIJKERTIJD 2-2-2-4-4-4 st gelijkmatig in de eerste nld = 28-28-28-32-32-32 st. Ga verder met nld 8 mm, plaats een markeerdraad aan het begin van de nld = midden onder de mouw. Ga verder in PATROON 2 over alle st - zie boven! Meerder TEGELIJKERTIJD bij een hoogte van 15 cm 1 st aan iedere kant van de markeerdraad elke 6-5-4-4-3-3 cm in totaal 6-7-8-7-9-10 keer = 40-42-44-46-50-52 st. Kant bij een hoogte van 50-50-50-47-47-46 cm (minder cm voor de grootste maten voor een grotere mouwkop en bredere schouders) 6 st af midden onder de mouw (= 3 st aan iedere kant van de markeerdraad) en brei de mouw verder heen en weer op de nld. Kant af voor de mouwkop aan iedere kant aan het begin van iedere nld: 2 x 2 st, 0-0-0-2-3-4 x 1 st, dan 2 st aan iedere kant tot het werk 56-57-57-57-58-59 cm meet. Kant nu 1 x 3 st af aan iedere kant en kant dan de overgebleven st af. Het werk meet ongeveer 57-58-58-58-59-60 cm.
KRAAG:
Naai de schoudernaden dicht. De kraag wordt heen en weer gebreid op de rondbreinld van middenvoor naar middenvoor. Neem 84-86-90-92-98-100 st op met rondbreinld 7 mm en Eskimo rond de hals en start aan de onderkant van de split op het voorpand – neem 30-31-32-33-35-36 st op langs elk voorpand en 24-24-26-26-28-28 st op langs het achterpand. Brei 1 nld recht aan de verkeerde kant, meerder TEGELIJKERTIJD 21-19-21-19-25-23 st gelijkmatig = 105-105-111-111-123-123 st. Brei de volgende nld aan de goede kant als volgt: 3 RIBBELST - zie boven, boordsteek 3 st recht/3 st av tot er 6 st over zijn, eindig met 3 st recht en 3 ribbelst. Plaats 2 markeerders in het werk, 40-40-42-42-47-47 st vanaf iedere kant middenvoor = 25-25-27-27-29-29 st tussen de markeerders. Meerder bij een hoogte van 6 cm 1 st in ieder av-deel (gezien vanaf de goede kant) tussen de markeerders en ga nu verder met 3 st recht/4 st av over deze st en 3 st recht/3 st av over de overige st. Meerder bij een hoogte van 12 cm 1 st in ieder recht-deel tussen de markeerders en ga verder met 4 st recht/4 st av over deze st en 3 st recht/3 st av over de overige st als hiervoor. Ga verder in boordsteek tot de kraag 18-18-19-19-20-20 cm meet en kant af met recht boven recht en averecht boven averecht.
AFWERKING:
Naai de mouwen in het lijf. Naai de kraag samen middenvoor met een paar st.
Uitleg symbolen teltekening
 | = | Recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
|
 | = | Averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
|
Teltekening
DROPS nummer 116-51
Wij zijn er trots op brei- en haak patronen beschikbaar te stellen die correct zijn en eenvoudig te begrijpen. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het originele patroon bekijken voor maten en schematekeningen.
Ga naar het originele patroon van 116-51.
Al onze patronen zijn zorgvuldig gecontroleerd, maar wij nemen een voorbehoud in acht voor eventuele fouten.
In het geval dat er iets niet zou kloppen plaats dan a.u.b. een berichtje onder "hulp bij het breien". Voor algemene brei-instructies kunt uw vraag stellen op het breiforum.