RIBBELST (heen en weer gebreid op de nld):
brei alle nld recht.
PATROON: Zie telpatroon M.1 tot en met M.3. De telpatronen geven de goede kant van het werk weer.
KEERPUNTEN: Brei de keerpunten als volgt:
* Brei alle st van de onderkant tot de hals, keer het werk en brei de teruggaande naald.
Brei de volgende nld vanaf de onderkant tot Markeerdraad-1, keer het werk en brei de teruggaande naald – zie TIP VOOR HET BREIEN.
Brei de volgende nld tot Markeerdraad-2, keer het werk en brei de teruggaande naald.
Brei de volgende nld tot Markeerdraad-3, keer het werk en brei de teruggaande naald.
Brei de volgende nld over alle st, keer het werk en brei de teruggaande naald *. Herhaal van *-*.
TIP VOOR HET BREIEN: Als u keert midden in het werk, haal dan de eerste steek recht af, trek de draad stevig aan en ga verder (om een gaatje te voorkomen in de overgang).
--------------------------------------------------------
--------------------------------------------------------
Het vest wordt zijdeling en uit een stuk gebreid. De nld aan de goede kant begint aan de onderkant en eindigt bij de hals. Begin middenvoor op het linker voorpand, brei de mouw, het achterpand, de andere mouw en eindig met het rechter voorpand.
LINKER VOORPAND: Wordt heen en weer gebreid op de nld. Zet losjes 56-58-60-62-64-66 st op met rondbreinld 8 mm en Eskimo. Brei 4 cm RIBBELST – zie boven – en brei dan 1 nld recht aan de verkeerde kant, meerder TEGELIJKERTIJD 12 st gelijkmatig = 68-70-72-74-76-78 st. Plaats 3 markeerders aan de goede kant (vanaf de onderkant richting de hals) als volgt:
Markeerdraad-1 = na 32-33-34-35-36-37 st.
Markeerdraad-2 = na 52-53-55-56-58-59 st.
Markeerdraad-3 = na 63-65-67-69-71-73 st. Laat de markeerders steeds in het werk tot het vest helemaal klaar is, zodat de keerpunten in een rechte lijn komen. Ga verder als volgt aan de goede kant: 5 ribbelst, 28-29-31-32-34-35 tricotst, M.1 (= 11 st), M.2 (= 8 st), M.3 (= 11 st), 0-1-1-2-2-3 tricotst en eindig met 5 ribbelst. Ga zo verder in patroon tot het werk klaar is. Brei TEGELIJKERTIJD de KEERPUNTEN – zie boven. Ga verder met de keerpunten tot het werk 26-28-30-33-36-39 cm meet vanaf de opzetnld – gemeten aan de onderkant van het werk. Plaats een markeerdraad in het werk (om de zijkant aan te geven). Zet de onderste 29-30-31-32-33-34 st op een hulpdraad (deze st worden weer gebruikt als het achterpand gebreid wordt). Brei nu de linkermouw.
LINKER MOUW: = 39-40-41-42-43-44 st op de nld. Ga verder in patroon als hiervoor, maar brei de 3 st langs de onderkant van de mouw in ribbelst. Brei nu de keerpunten als volgt:
* Brei alle st vanaf de onderkant tot de hals, keer het werk en brei de teruggaande naald.
Brei de volgende nld van de onderkant tot Markeerdraad-2, keer het werk en brei de teruggaande naald – zie TIP VOOR HET BREIEN.
Brei de volgende nld tot Markeerdraad 3, keer het werk en brei de teruggaande naald.
Brei de volgende nld over alle st, keer het werk en brei de teruggaande naald *. Herhaal van *-*.
Ga verder tot de mouw 30-31-32-33-34-35 cm meet, gemeten aan de onderkant.
ACHTERPAND: Zet de 29-30-31-32-33-34 st van de hulpdraad terug op de nld = 68-70-72-74-76-78 st. Ga verder met de keerpunten en in patroon als voor het voorpand tot het werk 44-48-52-58-64-70 cm meet vanaf de markeerdraad aan de zijkant (gemeten aan de onderkant van het werk). Zet de onderste 29-30-31-32-33-34 st op een hulpdraad (deze st worden weer gebruikt als het rechter voorpand gebreid wordt). Brei nu de rechter mouw.
RECHTER MOUW: Als de linker mouw.
RECHTER VOORPAND: Zet de 29-30-31-32-33-34 st van de hulpdraad terug op de nld = 68-70-72-74-76-78 st. Ga verder met keerpunten als voor het achterpand. Brei bij een hoogte van 22-24-26-29-32-35 cm (pas zo aan dat u hetzelfde aantal naalden heeft gebreid als voor het linker voorpand), 1 nld recht aan de verkeerde kant, minder TEGELIJKERTIJD 12 st gelijkmatig = 56-58-60-62-64-66 st. Ga verder in ribbelst. Maak na 2 cm knoopsgaten in de volgende nld aan de goede kant als volgt: Brei 14 st, 2 st recht samen, brei 10-11-12-13-14-15 st, 2 st recht samen, brei 10-10-11-11-12-12 st, 2 st recht samen, brei 9-10-10-11-11-12 st, 2 st recht samen, brei de overgebleven st. Zet in de volgende nld 1 nieuwe st op voor elke 2 st recht samen van de vorige nld. Brei in totaal 4 cm ribbelst en kant alle st af. Naai de knopen aan.
Uitleg symbolen teltekening
 | = | recht aan de goede kant, averecht aan de verkeerde kant
|
 | = | averecht aan de goede kant, recht aan de verkeerde kant
|
 | = | zet 1 st op een kabelnld en hou deze achter het werk, 2 st recht, 1 st av van de kabelnld
|
 | = | zet 2 st op een kabelnld en hou deze voor het werk, 1 st av, 2 st recht van de kabelnld
|
 | = | zet 2 st op een kabelnld en hou deze achter het werk, 2 st recht, 2 st recht van de kabelnld
|
 | = | zet 2 st op een kabelnld en hou deze voor het werk, 2 st recht, 2 st recht van de kabelnld
|
Teltekening

DROPS nummer 116-25
Wij zijn er trots op brei- en haak patronen beschikbaar te stellen die correct zijn en eenvoudig te begrijpen. Alle patronen zijn uit het Noors vertaald en u kunt altijd het originele patroon bekijken voor maten en schematekeningen.
Ga naar het originele patroon van 116-25.
Al onze patronen zijn zorgvuldig gecontroleerd, maar wij nemen een voorbehoud in acht voor eventuele fouten.
In het geval dat er iets niet zou kloppen plaats dan a.u.b. een berichtje onder "hulp bij het breien". Voor algemene brei-instructies kunt uw vraag stellen op het breiforum.